Mijn en dijn bij de VVD

 

 

 

 

 

 

 

Dagstukjes – 43

 

e VVD heeft een integriteitsprobleem.

Integriteitsprobleem – het klinkt als zo’n stadhuiswoord dat nooit zegt waar het op staat.

‘Een eufemisme,’ kun je ook zeggen.

Eufemismen kunnen een mens heel wantrouwend maken.

Integriteitsprobleem.

Waarom zegt men niet dat leden van de VVD regelmatig de kluit belazeren? Of, vriendelijker gezegd, dat leden van de VVD het verschil tussen het mijn en dijn niet kennen.

Geen nieuws, zult u zeggen. Een liberaal gaat er immers per definitie vanuit dat jouw  ‘dijn’ zijn ‘mijn’ is.

Een liberaal hééft niet alleen meer dan jij – een groter huis, een grotere auto, een hogere bankrekening – hij is ook meer, ja, en dan mag je je alles toe-eigenen.

Kolonialisme en kapitalisme in de westerse geschiedenis spreken in dit opzicht boekdelen. ‘Overnames’ in het bedrijfsleven en de ‘groei’ van multinationals vertellen ons nog dagelijks het verhaal van expansie, uitbuiting en roof. De vrije markt. Durfkapitalisten – het zijn altijd liberalen.

Nee, een VVD’er heeft eerder last van een liquiditeitsprobleem dan van een integriteitsprobleem.

Maar zijn de politieke tegenvoeters van deze vrijheidspartij dan uit ander hout gesneden? Kennen zij het verschil tussen mijn en dijn wél?

Ja zeker, alleen mogen zij een ander pas iets afpakken als het de gelijkheid van álle mensen bevordert.

Zo bezien heeft de hele politiek een integriteitsprobleem.

LEES VERDER

WKtS
19 FEBRUARI 2015