Elvis’ Laatste Geheim

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

ELVIS PRESLEY

 

Hoe de God uit Graceland Hitler in zijn adelaarsnest vond

 

Well, they said you was high-classed
well, that was just a lie

ELVIS PRESLEY

 

oms vind je een boek dat je niet zocht. Elvis bijvoorbeeld. Ik las erover in Der Spiegel.

Geen bespreking, maar een stukje waarin gezegd werd dat alle recensenten de roman over het hoofd hadden gezien totdat Martin Walser erover schreef (en sprak).

Martin Walser is een náám in het Duitstalige Midden-Europa. Geen wonder dat zijn waardering voor de roman gevolgen had. Recensenten haalden het boek in huis en schreven erover. In Duitsland, in Zwitserland en in Oostenrijk. Daarbuiten geloof ik niet.

Het is niet waarschijnlijk dat de invloed van Martin Walser zich tot Nederland uitstrekt. Hier leest men geen letter Duits meer sinds de dood van Rudi Carrell. Voor bijna alle hoogopgeleide Nederlanders is de Europese cultuur im Grossen und Ganzen daarom een gesloten boek.  

E-book

Wat Elvis, publicitair gezien, opbrak, was zijn geboorte als e-book. Dat is geen pre. Recensenten mijden e-books en bespreken ze niet. Ze hebben hun handen vol aan de papieren boeken die uitgevers hun vragen te bespreken. Uitgevers zijn recensenten buitengewoon erkentelijk als ze een beetje mee willen werken. Het heeft Herman Koch geen windeieren gelegd.

Het e-book wordt op de computer gefabriekt en kan het publiek via het internet bereiken. Je kunt er ook een print van maken. Dat is met Elvis gebeurd. Hoe Martin Walser het boek in die vorm heeft gevonden, weet ik niet, maar hij heeft het gevonden. Ik vermoed dat hij de schrijver, Mathias Ackeret, kent. Ackeret is een Zwitser die als schrijver op het internet actief is. Zijn boek Das Blocher-Prinzip werd in Zwitserland een bestseller. Hij is dus geen onbekende.

Gummetjes

Maar laat Elvis voor hem spreken. Ik zocht het boek in de mooie boekwinkel van Brig in Zwitserland – er is er maar één – waar je tussen de tijdschriften, fotoboeken, potloden, gummetjes, tekenspullen en een duizelingwekkende hoeveelheid opsmuk voor kinder- of tienerkamers nog steeds waardevolle boeken kunt vinden, al moet je er steeds meer naar vragen. Elvis hadden ze niet, maar het kon – net als in Nederland – worden besteld. Twee dagen later kon ik het afhalen. Thuis zou ik het bij bol.com hebben besteld. De boekwinkel is eigenlijk al, tragisch, tragisch, overbodig – zoals binnen tien jaar álle winkels, zelfs de Albert Heijn, maar dat is natuurlijk geen troost.

De ontwikkelingen gaan snel. Je merkt het aan Elvis. Het is een snel boek en dan bedoel ik ‘snel’ geschreven, zoals er op de computer wordt geschreven, korte zinnen, veel alinea’s, veel witregels – het oog kijkt op een verlicht beeldscherm anders dan op het papier.

Ik hou van het verlichte beeldscherm, zoals ik vroeger hield van papier, om zijn structuur, textuur, geur, ezelsoren, koffievlekken, resten haaruitval en roos, die je er in geleende boeken gratis bij kreeg, de stoffelijke resten van de lezer die je was voorgegaan.

Het beeldscherm laat geen sporen na. Er is geen lezer die je is voorgegaan. Je bent alleen – nog meer alleen dan vroeger met het papieren boek.

Ree

Ik was, in Zwitserland, terwijl het sneeuwde en sneeuwde en ik de deur niet uit kon, een paar uur alleen met Ackeret en een ree of hinde die zich snuivend te goed deed aan het gewatteerde groen (nou, ja groen…).

Het dier ontroerde me, was ook alleen, maar wat Ackeret me influisterde, eiste al mijn aandacht op, en nadat ik het vuur nog eens had opgepookt, reisde ik in zijn  spoor af naar Zuid-Duitsland, naar München en Frankfurt, waar het verhaal zich ten dele afspeelt.

Een verhaal over een vriendschap, over twee mannen, de een, een boulevardjournalist op z’n retour, een soort Henk van der Meyden, de ander een wat geremde advocaat, die anders dan Bram Moszkowicz gepromoveerd is en dat graag wil laten weten. Herr Doktor.

Een sms van de journalist zet de handeling in gang. Hij is een geheim op het spoor, een geheim in het leven van Elvis Presley, ‘het laatste geheim’ van Elvis Presley waarmee hij straks zijn publiek zal verrassen. Dat Adolf Hitler er een rol in speelt, maakt zijn ontdekking behalve bijna ongeloofwaardig nóg spannender.

Seks

Het hert verdween, het vuur vroeg (of eiste) nieuwe brandstof en ik volgde geboeid het spel dat Ackeret, literair gezien, speelde, zowel met de beide vrienden, als met de beide groten van de massacultuur die elkaar onmogelijk gekend konden hebben, maar niettemin in dit boek tot elkaar zijn veroordeeld. Ik ga dat niet uitleggen. Dat zou jammer zijn voor de paar Nederlanders die Duits kunnen lezen en dit boek zouden willen ontdekken.

Ik kan wél zeggen dat de aanwezigheid van Elvis in Duitsland historisch is. Hij was in de jaren zestig als dienstplichtig militair bij de Amerikaanse troepen in Duitsland gelegerd. Hitler was toen al dood. Niet door de Amerikanen afgemaakt, en zelfs niet door hen gevonden – dat waren de Russen – maar wel dood (al was er tot ver na de oorlog sprake van fanatieke nazi’s die dat niet geloofden).

Hitler maakte in 1945 diep onder de grond in Berlijn een eind aan zijn leven en aan het leven van zijn merkwaardige vriendin Eva Braun, met wie hij nooit seks gehad zou hebben.

Hitler had geen seks. Niet omdat hij – net als Lance Armstrong maar een teelbal had, kijk uit voor mannen met maar één bal – maar omdat hij smetvrees had, niemand kon aanraken, hooguit heel schone kinderen of zichzelf als hij bijvoorbeeld een van zijn geliefden, zijn nichtje Geli Raubal, vroeg zich voor zijn ogen te bevredigen terwijl hijzelf zijn fascistische roede in de geschoeide linker- of rechterhand nam.

Obersalzberg

Dat staat allemaal niet in Elvis. Maar mijn fantasie voegt zich wel naar de lust waarmee Ackeret het duo Elvis en Adolf (op de foto als dienstplichtig militair in de Eerste Wereldoorlog) door zijn vertelling heeft gevlochten.

Ze vertegenwoordigen een grote, onbegrijpelijke en ook onbekende wereld, Elvis als God in Graceland – in zijn eagle’s nest – even goed als Hitler op de Obersalzberg, zijn adelaarsnest hoog boven de oude zoutmijn bij het Beierse Berchtesgaden waar hij niet vaak kwam, en waar Elvis, misselijk van de hoogtevrees, een door Mussolini aan Hitler geschonken marmeren schouw cadeau krijgt en mee naar huis mag nemen.

Hier zeilen we door het uitspansel van de massacultuur, die dankzij de voortschrijdende techniek in de twintigste eeuw als een rijk gestoffeerde, nieuwe wereld van goden en helden ons simpele dagelijkse bestaan ging overkoepelen. Op een bepaalde manier zijn we als gevolg van deze esthetische uitbreiding van ons bestaan teruggezet naar een voorchristelijke tijd toen de hemel niet door één God, maar door honderden, zo geen duizenden goden bemand werd – om over de godinnen maar te zwijgen. Een goddelijk, incestueus paradijs waaraan het joodse monotheïsme als kwartiermaker van de Messias een einde maakte. Net zoals veel later na de astrologie de astronomie. Maar geholpen heeft het niet. De massacultuur heeft onze hemel opnieuw volgepropt met goden, halfgoden, kwartgoden en wat dies meer zij. Wij zijn weer voorchristelijke gelovigen – en even primitief.

Ackeret heeft dit inzicht mooi laten neerdalen op de levens van zijn personages die niet hun eigen leven leven – wat dat ook moge zijn – maar het leven van individuen in de massacultuur die – het woord zegt het al – ‘massaal’ opgaan in riten, rituelen, gewoonten, ideeën en denkbeelden waarin de vrije wil het – net als bij godsdienstige rituelen – volledig laat afweten. En de ratio ook. Nee, gevoel, daar gaat het om! Dat telt.

De massacultuur weten we is door en door irrationeel, maar ze is – om het eens heideggeriaans te zeggen – en je krijgt haar niet meer weg. Iedereen speelt mee. Ook Ackeret en zijn helden en heldinnen.

Thriller

Ackerets roman is doordacht, vaardig, met humor en filosofisch geschreven, een intelligent gestructureerde thriller bovendien. Maar het boek is ook nog wel iets meer. Het is een geloofwaardig verhaal over een mannenvriendschap die in feite niet kán. Die mannen zijn – voor zichzelf en voor elkaar – even ongrijpbaar als de iconen Hitler en Presley. Het verschil is misschien dat Hitler en Presley hebben bestaan. Maar is dat wel zo? Het verwarrende is dat ze fictie geworden zijn en toch écht. Zo verwart ons de massaculuuur.

Het is meer dan ooit tijd, zo blijkt maar weer eens, dat we in Nederland thuis en op school weer literatuur gaan lezen. Het voorkomt misschien een nog akeliger bijziendheid dan waaraan we dank zij de massamedia zijn gaan lijden. Wie niet helemaal blind wil worden, moet af en toe eens een roman lezen. Wie Duits leest, zou het met dit e-book kunnen proberen.

 

WKtS
Gepubliceerd op 29 februari 2013.
Zie Mathias Ackeret.
Zie en hoor de bespreking van Martin Walser.
Meier Buchverlag Schaffhausen.