Gebabbel

 

 

 

 

 

 

Verbeter Je Taal Nog Meer – 3

Wie leest, krijgt taal onder ogen, maar hij hóórt geen woord. Het zette de literaire reuzen van de Romantiek aan het denken. Ze wilden dat hun lezers hun taal zouden hóren. Ze wilden geen schrijftaal meer. Ze wilden dat hun taal klónk. Of zoals Multatuli het zei: ‘Als ik doof was, zou’k niet kunnen schrijven.’

Het heeft lang geduurd voordat lezers en schrijvers het belang hiervan begrepen. Vooral journalisten bleven nog lang de geschreven taal trouw, maar in de jaren zestig van de twintigste eeuw gingen ook zij om. Zo’n vijftig jaar later heeft de spreektaal de geschreven taal in de kranten goeddeels verdrongen.

Dat is mooi, zou je zeggen, maar er kleven ook nadelen aan. Het lezen wordt je in toenemende mate bemoeilijkt door een teveel aan stoplappen, anakoloeten, pleonasmen, contradictiones in terminis, clichés en slordigheden, die een spreker misschien vergeven mogen worden, maar een schrijver niet.

Er wordt van alles en nog wat ontwikkeld, opgestart en gestart – hij startte zijn leven in Groningen, iedereen bevindt zich uiteindelijk of momenteel in een situatie, of heeft al dan niet een relatie met een partner, die best wel de leukste ooit kan zijn.

Beleving, zich beseffen, lokaal – het woord plaatselijk is voorgoed aan de kant gezet – top, inhuren, promoten, ultiem, cool, piketpalen, hot, super, mega – het wemelt ervan.

Zie je zulke woorden een enkele keer, nou ja…, dan negeer je ze, maar zie je ze aan één stuk door, dan ben je er na aan toe de scribent niet langer op zijn woord te geloven. Zijn krant krijgt in jouw ogen de uitstraling (!) van een handelaar in derivaten.

Het is geen spreektaal. Ook geen levend Nederlands. Het is een kwaal. Het is een kwaal die voortvloeit uit het gebabbel dat radio en tv dag in dag uit onder gans het volk verspreiden.

Gebabbel, een woord dat niet toevallig aan het Bijbelse Babel en de Babylonische Spraakverwarring verwant is.

En ja, spraakverwarring – is dat niet hét woord voor dit mediatijdperk?

LEES VERDER

WKtS
4 FEBRUARI 2015

Dit stukje verscheen ook in de Volksknar.